Aardgasvrije wijken

Datum

28 januari 2019

“Gemeenten hebben de regierol in de transitie naar aardgasvrije wijken. In een zorgvuldig proces zullen zij per wijk een afweging moeten maken wat de beste oplossing is, als huizen niet langer met de traditionele cv-ketel worden verwarmd.” (Ontwerp Klimaatakkoord).

Maar hoe dan?

Dat vraagt om ingewikkelde keuzes over techniek, financiën en planning. Het is aan de gemeente om als regisseur van de transitie dit keuzeproces vorm te geven en waar nodig knopen door te hakken. Maar uiteindelijk moet iedereen meedoen en er moet er daarom draagvlak zijn voor de keuzes die worden gemaakt.

“Bij de gastransitie in de wijk is het belangrijk dat burgers en bedrijven zeggenschap hebben bij de keuze van alternatieve warmtebronnen en van de maatregelen om gebouwen energiezuinig te maken. Burgers en bedrijven dragen dan niet alleen de lasten, maar profiteren ook van de lusten.” (Ontwerp Klimaatakkoord)

Eline van de Ende (Adviseur wijkaanpak warmtetransitie, HVC ) en Peter Verheggen (Programmamanager Duurzaam en Groen, gemeente Zoetermeer) gaven een inleidende presentatie.

Aan de hand van een aantal vragen vroegen we bezoekers waar ze behoefte aan hebben.

De bezoekers plaatsten voor vier actoren de volgende opmerkingen bij de vraag:
“Wat zijn de verwachtingen bij de warmtetransitie t.a.v. ….”

A. De overheid (rijk, provincie, gemeente)
1. Hoe zie je de relatie (hoe moet je met elkaar omgaan)?

  • Aanjager en regierol in de transitie bijvoorbeeld m.b.v. energiecoaches
  • Sturing door overheid wat betreft prijzen en heffingen.
  • Subsidieverstrekker.
  • (Beheer) warmtenetten in overheidshanden houden; geen commerciële bedrijven met winstoogmerk.
  • Optimaliseren van CO2-reductie in relatie tot kosten (isoleren bijv. optimaler dan een warmtenet).
  • Kaders stellen voor grote investeringen.

2. Welke informatie verwacht je?

  • Wat kan eigenaar/consument aan keuzes verwachten?
  • Aangeven keuzemogelijkheden op woningniveau.
  • Goede voorbeelden (best practices).
  • Infomatiecentrum (laten) inrichten over technieken en kosten.
  • Schets mogelijkheden en ontwikkelingen op verschillende niveaus (stad/dorp, wijk, buurt, straat, woningblok, individuele woning). Dit o.b.v. gedegen toegankelijke onderzoeksresultaten.
  • Aangeven en bekendmaken onderzoekstraject en –programma. Dit ingebed in informatie over regioplannen, w.o. technische randvoorwaarden voor wijkaanpak.
    Informatie over te maken en gemaakte keuzen voor de specifieke eenheden van de verschillende niveaus (stad/dorp, wijk, buurt, straat, woningblok, individuele woning).
  • Continu actueel overzicht van subsidiemogelijkheden bieden (publieke en commerciële geldbronnen).
  • Financiële informatie voor individuele bewoners en ook VvE’s: kosten, gevolgen voor woningmarkt/huizenprijzen,
  • financieringsmogelijkheden, etc.
  • Bij informatie over isoleren ook informatie over asbest(verwijdering) leveren.
  • Hoe natuurinclusief te verduurzamen.

3. Hoe moet die informatie worden aangeboden?

  • Websites: algemeen en per wijk.
  • Energiecoaches aan huis.
  • Artikelen in (Zoetermeerse) media.
  • Email-faciliteiten: vraagloketten.
  • (Wijk)bijeenkomsten en algemene informatiebijeenkomsten

B. Het bedrijfsleven
1. Hoe zie je de relatie (hoe moet je met elkaar omgaan)?

  • Innovatief bedrijfsleven.
  • Goede klant-leverancierrelatie met bewoners: samenwerken met en coaching van bewoners.
  • Door-/opmeten plaatselijke/persoonlijke situatie van bewoner.
  • Inhoudelijk professionele voorstellen doen.
  • Poactief voorstellen voor de transitie doen.
  • Geen misbruik van de marktsituatie.
  • Goede en lange garanties.
  • Goede financieringsmogelijkheden aanbieden door bedrijven.
  • Aanbod door bedrijfsleven van rendabele (maatwerk)voorzieningen/oplossingen.
  • Diversiteit in aanbieders en keuzemogelijkheden.

2. Welke informatie verwacht je?

  • Duidelijke, eerlijke en deskundige voorlichting aan bewoners door vaklui over (‘state-of-the-art’) mogelijkheden en hun alternatieven en over gaande ontwikkelingen op korte termijn.
  • Een ‘roadmap’ voor de innovatie/transitie.
  • Heldere kosteninformatie.
  • Actuele informatie over subsidiemogelijkheden (niet over lege potjes).
  • Niet alleen mantra van isoleren, maar ook andere ingrepen belichten.

3. Hoe moet die informatie worden aangeboden?

  • Duidelijke brochures en documentatiemateriaal, met mogelijkheden en kosten.
  • Informatie over oplossingen via bij de transitiebetrokken organisaties aanbieden.
  • ‘Gecertificeerde’ informatie via onafhankelijke organisaties.
  • Goede websites met duidelijke uitleg van techniek.

C. Energiecollectieven/-coöperaties (bijv. DEZo)
1. Hoe zie je de relatie (hoe moet je met elkaar omgaan)?

  • Collectief energie opwekken.
  • Ook warmtenetten ontwikkelen.
  • Coöperatie heeft voortrekkersrol.
  • Coöperatie filtert informatie.

2. Welke informatie verwacht je?

  • Behoefte van bewoners helder in kaart brengen.
  • Planning van maatregelen.
  • Coöperaties als pressiegroep t.a.v. gemeente ter bevordering van doorhakken van knopen.

3. Hoe moet die informatie worden aangeboden?

  • Huis- aan huisbladen (Streekblad, Postiljon).
  • Bijeenkomsten.
  • Online.
  • Social media.

D. Energieloketten (bijv. Reimarkt)
1. Hoe zie je de relatie (hoe moet je met elkaar omgaan)?

  • Wederzijdse uitwisseling informatie tussen bewoners en energieloket.
  • Zichtbaarheid en benaderbaarheid van energieloket zijn belangrijk.
  • Energieloket moet vertrouwenspositie innemen.

2. Welke informatie verwacht je?

  • Heel specifiek advies.
  • Vergelijking van alternatieve mogelijkheden.
  • Beoordeling van offertes.
  • Informatie over subsidies.

3. Hoe moet die informatie worden aangeboden?

  • Onafhankelijke adviezen.
  • Snelle reactie op adviesvragen is gewenst.